Terug naar plantenencyclopedie
Liggende vrouwenmantel (Alchemilla demissa) met laag uitgespreid bladrozet en gelobde bladeren
Rosaceae6 juni 202612 min

Liggende vrouwenmantel: complete gids

Alchemilla demissa

Wil je Liggende vrouwenmantel: complete gids in jouw tuin zien?

1 minuut, geen creditcard

Start gratis ontwerp

Overzicht

De liggende vrouwenmantel (Alchemilla demissa) is een laagblijvende, kruidachtige vaste plant uit de rozenfamilie (Rosaceae). Ze werd in 1894 beschreven door de Zwitserse botanicus Robert Buser in het tijdschrift Bull. Herb. Boissier. De naam 'demissa' is Latijn voor 'neergebogen', 'laagliggend' of 'bescheiden' - een perfecte omschrijving van het gedrag van deze plant, die van nature een lage, vlakliggende standvorm aanneemt. Het verspreidingsgebied beslaat de berggebieden van de Pyreneeen tot in de Alpen, met voorkomen in Oostenrijk, Frankrijk, Italie, Spanje en Zwitserland.

In de tuin is Alchemilla demissa een bijzondere aanwinst voor wie houdt van sierlijke, bescheiden planten voor rotsbedden, alpiene perken en de voorkant van borders. Ze past uitstekend in een goed doorlatende rotstuin of steentuin, en vormt een fijn tapijt van gelobde bladeren tussen stenen. Voor tuinontwerpen waarbij dit soort kleine gespecialiseerde vaste planten een rol spelen, kunt u zich laten inspireren op gardenworld.app, waar u uw eigen tuin visueel kunt invullen.

Uiterlijk en bloeiperiode

Alchemilla demissa onderscheidt zich van veel verwante vrouwenmantels door haar uitgesproken lage, uitgespreide groeiwijze. De plant blijft gewoonlijk 10 tot 20 cm hoog, soms iets meer op ideale standplaatsen, maar verspreidt zich lateraal over een wat grotere oppervlakte. De bladeren zijn palmvormig gelobd met vijf tot zeven lobben, fijn getand aan de rand en licht behaard aan de bovenkant. De bladstelen zijn vrij kort, wat bijdraagt aan het vlakliggende karakter van de rozet.

De bloeiperiode valt in mei tot en met juli. De bloemen zijn, zoals bij alle Alchemilla-soorten, klein en geel-groen, bijeengebracht in ijle, vertakte schermachtige pluimen boven het bladerdek. Na de bloei kunnen de bloemstelen iets langer worden en de plant een ietwat luchtiger uitstraling geven. Het beroemde dauwdruppeleffect - waarbij waterdruppels als kleine zilveren parels op de behaarde bladeren liggen - is ook bij deze soort een sfeermakers in de vroege ochtend.

Ideale standplaats

Alchemilla demissa is van nature een bergplant en prefereert een open, licht beschaduwde tot halfzonnige standplaats. Ze gedijt goed op lichtintensiteit 7, wat een gunstige maar niet directe blootstelling aan zon betekent. In de laaglanden doet ze het goed in een plek met ochtendzon en middagschaduw, of in de lichte schaduw van lage heesters.

Als bergplant uit de Pyreneeen en Alpen is ze gewend aan hoge atmosferische vochtigheid - haar voorkeursscore daarvoor is 8, de hoogste van de drie hier besproken Alchemilla-soorten. Ze gedijt het best op locaties die niet te heet worden in de zomer, zoals in de buurt van water, in dalen of op Noord- en Oostgerichte hellingen in het gebergte. In de Nederlandse en Belgische tuin kan ze prima gedijen in een halfschaduwige positie met een vochthoudende bodem.

Voor USDA-zones is ze winterhard tot zone 4, vergelijkbaar met de andere Alchemilla-soorten in dit overzicht.

Bodem

De bodemvoorkeur van Alchemilla demissa sluit aan bij haar bergherkomst: ze wil een licht zure tot neutrale bodem met een pH tussen 5,5 en 6,5, vergelijkbaar met Alchemilla crinita. De structuur mag licht lemig tot zandig zijn, mits goed doorlatend. Wateroverlast is funest; de wortels van bergplanten zijn kwetsbaar voor langdurige nattigheid. Een uitstekende drainage is de absolute basisvoorwaarde.

In een rotstuin of steentuin kunt u de plantgaten vullen met een mengsel van tuincompost, grof zand en fijnkiezel, zodat overtollig water snel wegloopt maar toch enig vocht in de bodem blijft. Op gewone tuingrond verbetert een portie scherpzand of perliet de structuur. Een mulchlaag van grind of grintsplit rondom de plant houdt de wortelkroon droog, vermindert onkruid en geeft de rotstuin een verzorgde uitstraling.

Bewatering

Hoewel Alchemilla demissa een hoge atmosferische vochtigheidsvoorkeur heeft, is ze gewend aan de droge zomers van berggebieden waar de regen snel wegloopt over rotsachtige ondergrond. Ze verdraagt dus kortdurende droogte beter dan permanent natte voeten. In een doorlatende rotstuin in de Nederlandse tuin zal ze doorgaans genoeg hebben aan het regenwater, aangevuld met een bescheiden watergift in zeer droge zomerperioden.

Water geven iedere tien tot veertien dagen tijdens droge hittegolven is voldoende. Geef dan wel altijd diep water zodat het vocht de gehele wortelzone bereikt. Oppervlakkig natspuiten is weinig effectief en kan schimmelvorming op de bladeren bevorderen. Vermijd beregening 's avonds; geef bij voorkeur 's ochtends water zodat de bladeren overdag kunnen drogen.

Snoeien

Alchemilla demissa vraagt weinig snoeizorg. Na de bloei in juli kunt u de verbloeide bloemstelen terugknippen tot het bladniveau om de plant er fris uit te laten zien en ongecontroleerde zelfuitzaaiing te beperken. De plant blijft van nature klein en compact, zodat drastisch ingrijpen zelden nodig is.

In de herfst kunt u het blad laten zitten als bescherming voor de wortelkroon en winterverblijf voor kleine insecten en spinnen. Begin lente verwijdert u eventueel winterschade en geeft u de nieuwe uitlopers ruimte. Bij goede drainage is er nauwelijks risico op uitwintering, zelfs niet in strenge winters.

Onderhoudkalender

Januari tot maart: rustperiode. Controleer of de drainage rondom de plant goed functioneert en voeg indien nodig grindsplit toe rondom de wortelkroon. Verwijder gevallen bladeren van omringende bomen die zich op de plant ophopen en deze kunnen verstikken.

April: de eerste nieuwe bladeren komen tevoorschijn. Verwijder eventuele winterschade voorzichtig. Een kleine gift van een langzaamwerkende meststof op basis van compost is welkom op armere bodems.

Mei tot juli: bloeitijd. De geel-groene bloemenpluimen verschijnen boven het bladerdek. Geniet van het dauwdruppeleffect in de vroege ochtend. Weinig onderhoud nodig; eventueel onkruid bij de voet verwijderen.

Juli tot augustus: na de bloei bloemstelen terugknippen. Bij extreme droogte beperkte watergift. Let op tekenen van hittestress op zeer warme locaties.

September tot oktober: de plant trekt zich geleidelijk terug. Blad laten zitten of verwijderen naar voorkeur.

November tot december: volledige rust. Drainagecontrole, grindmulch aanvullen indien nodig.

Winterhardheid

Alchemilla demissa is winterhard tot USDA-zone 4, wat overeenkomt met de andere hier besproken Alchemilla-soorten. Ze is gewend aan de strenge bergwinters in de Pyreneeen en Alpen, waar temperaturen diep onder nul kunnen dalen en de plant maanden onder een dikke sneeuwlaag kan liggen. In de Lage Landen zijn de winters mild vergeleken bij haar oorspronkelijke habitat, zodat uitwintering vrijwel nooit optreedt.

Het enige risico vormt natte voeten in combinatie met vorst: waterige bodem die bevriest en ontdooit, kan de wortels beschadigen. Op een goed doorlatende rotstuin- of steentuinbodem is dit probleem echter niet aan de orde. Een dunne laag droog grof zand of grindsplit rondom de wortelkroon houdt overtollig vocht weg.

Combinatieplanten

Alchemilla demissa past het best in alpiene of rotstuin-settings naast andere laagblijvende bergplanten. Ze combineert fraai met Sedum (vetplantjes), Saxifraga (steenbreek), Phlox subulata (mosflox) en kleine Dianthus-soorten (anjers). Het lage groene tapijt van haar gelobde bladeren vormt een neutrale ondergrond waarop de kleuren van bloeiende buurtplanten mooi uitkomen.

In een gewoon border kan ze de voorrand sieren naast Geranium sanguineum (bloedooievaarsbek), Thymus (tijm) en kleine Salvia-soorten. Ze is ook mooi als invulling van kieren tussen klinkers of langs lage muurtjes. Op gardenworld.app kunt u nadenken over zulke combinaties en ze visueel uittesten op een foto van uw eigen tuin. Bij tuincentra zoals Intratuin of Gamma is ze soms te vinden in het rek met alpiene of rotstuinplanten; zoek ook bij gespecialiseerde vaste-plantenkwekerijen.

Slotwoord

Alchemilla demissa is de stilste en meest bescheiden van de drie hier besproken vrouwenmantels, maar in een goed gekozen setting heeft ze een niet te evenaren charme. Haar vlakliggende bladrozet, het glinsterende dauwdruppelspel en de fijne geel-groene bloempluimen passen perfect bij de strakke lijnen van een rotstuin of de losse sfeer van een alpien berglandschap. Ze verdient een prominentere plek in tuinen die streven naar echtheid en subtiliteit - eigenschappen die deze kleine bergplant in ruime mate te bieden heeft.

Gratis ontwerp

Wil je Liggende vrouwenmantel: complete gids in jouw tuin zien? Maak nu een gratis ontwerp.

Upload een foto, kies je stijl en ontvang binnen 1 minuut een fotorealistisch ontwerp inclusief plantenlijst.

Start gratis

Geen creditcard nodig