Terug naar plantenencyclopedie
Neonotonia wightii plant met bladeren en bloemen
Fabaceae1 juni 202612 min

Neonotonia wightii: complete gids

Neonotonia wightii

Wil je Neonotonia wightii: complete gids in jouw tuin zien?

1 minuut, geen creditcard

Start gratis ontwerp

Overzicht

Neonotonia wightii, ook wel bekend als vaste soja of meerjarige soja, is een rankende kruidachtige plant uit de vlinderbloemenplantenfamilie (Fabaceae). De plant is inheems in tropisch en zuidelijk Afrika, India en Sri Lanka, en is ook ingevoerd in Zuid-Amerika, Australië en verscheidene eilandengroepen. Botanisch gezien wordt de soort beschreven onder de naam die in 1977 door J.A. Lackey werd vastgesteld, nadat de plant eerder als Glycine wightii bekend stond.

De plant groeit als eenjarige of meerjarige rank, afhankelijk van de omstandigheden. In de tropen en subtropen kan zij meerdere jaren overleven als vaste plant, terwijl zij in gematigde klimaten doorgaans als eenjarige wordt gehouden. De wetenschappelijke naam eert de Brits-Indiase botanicus Robert Wight, die in de negentiende eeuw uitgebreid plantkundig onderzoek verrichtte in India.

Neonotonia wightii wordt in de tuinbouw vooral gewaardeerd als groene meststof, veevoedergewas en bodembedekker in warme streken. Als lid van de vlinderbloemigenfamilie fixeert de plant stikstof uit de lucht via bacteriën in de wortelknolletjes, waardoor zij de bodemvruchtbaarheid verbetert. Daarmee maakt zij tegelijkertijd andere gewassen minder afhankelijk van kunstmest.

In de siertuinbouw is de plant minder gangbaar in Nederland en België, maar zij biedt interessante mogelijkheden voor gevorderde hobbytuiniers die tropische planten uitproberen in kassen of beschutte tuinen met een mild klimaat. De witte bloemen zijn bescheiden maar charmant, en de plant zorgt voor een weelderig groen tapijt.

Verschijning en bloei

Neonotonia wightii is een klimmende of sluipende kruidachtige plant met drietallige bladeren die sterk lijken op die van een gewone sojaplant of klaversoort. De bladeren zijn middelgroen, ovaal tot elliptisch van vorm, en meten gemiddeld 4 tot 8 cm per deelblaadjes. De bladtextuur is middelzwaar, niet bijzonder glanzend maar ook niet dof, met een zachte beharing aan de onderzijde.

De stengels zijn rankend en kunnen in gunstige omstandigheden meerdere meters lang worden. Bij ondersteuning klimt de plant langs schuttingen, trellis of andere constructies omhoog tot 2 à 3 meter hoogte. Zonder steun verspreidt de plant zich horizontaal over de grond als bodembedekker, met een breedte van 60 tot 120 cm per plant.

De bloemen zijn klein, wit tot lichtroze en weinig opvallend. Zij verschijnen in trossen langs de stengels en vertonen de typische vlinderbloemenstructuur met een zogenoemde vlag, vleugels en een kiel. De bloeiperiode valt in tropische streken het hele jaar door, maar in gematigde klimaten bloeit de plant voornamelijk in de zomermaanden juni tot september, zodra de temperaturen boven de 18 °C uitkomen.

De vruchten zijn kleine peulen die zwarte zaadjes bevatten. De planten vormen bij rijpheid peulen van 2 tot 3 cm lengte. De zaden zijn klein, hardschalig en bewaren goed wanneer zij droog worden opgeslagen.

Ideale standplaats

Neonotonia wightii gedijt het beste op een warme, zonnige standplaats. De plant heeft minimaal 6 uur direct zonlicht per dag nodig voor een optimale bloei en groei. In de tropen groeit zij op open plekken, bosranden en verstoorde terreinen in de volle zon. In Nederland en België is zij het meest geschikt voor een beschutte, warme plek tegen een op het zuiden gerichte muur of schutting.

De plant is niet winterhard in het Nederlandse of Belgische klimaat. Bij vorst sterft zij terug tot de grond of volledig af. In de praktijk wordt zij bij ons behandeld als eenjarige zomerplant of als kasplant. Een minimumtemperatuur van 5 à 10 °C is nodig voor overwintering; onder 0 °C sterft de plant snel af.

Voor de beste resultaten in een gematigde tuin: plant Neonotonia wightii op een beschut, warm terras of in een grote pot die binnen kan worden gebracht voor de winter. Bij een kastemperatuur van minimaal 10 °C kan zij als meerjarige worden behouden.

In tropische tuinen en tijdens warme zomers in zuidelijk Europa functioneert de plant uitstekend als snelgroeiende afdekker voor kale grond of onkruidonderdrukker langs perceelranden.

Bodemeisen

Neonotonia wightii stelt relatief weinig eisen aan de bodem, wat haar bruikbaar maakt als pionierplant op arme gronden. De plant gedijt op bodems met een pH tussen 5,5 en 7,8, dus van licht zuur tot matig basisch. Zij heeft een voorkeur voor goed doorlatende bodems die niet te lang wateroverlast geven.

De plant verdraagt matige bodemarmoede goed dankzij haar stikstoffixerende vermogen. Via de wortelknolletjes met Rhizobium-bacteriën kan zij 50 tot 150 kg stikstof per hectare per jaar vastleggen uit de lucht, wat haar bijzonder waardevol maakt als groenbemester. In de moestuin of op akkertjes kan zij als tussenkruid worden ingezet om de bodem te verrijken.

Voor de siertuin of pottenkweek is een luchtige, goed doorlatende potgrond of tuingrond aangewezen met een goede hoeveelheid organisch materiaal. Meng bij zandige bodems 10 tot 15% rijpe compost door de grond voor betere vochtretentie. Op zware kleigrond dient u het plantgat te verbeteren met 20 tot 30% grof zand en compost om natte voeten te voorkomen.

Een structuurrijke grond met een goede balans tussen doorlatendheid en vochtvasthoudend vermogen levert de beste resultaten op. Mulchen met stro of houtsnippers (laag van 5 tot 8 cm) helpt de bodemvochtigheid te bewaren en onkruid te onderdrukken.

Water geven

Neonotonia wightii heeft een matige tot hoge waterbehoefte, vooral tijdens de jeugdfase en in droge zomerperiodes. Geef de plant na het uitplanten de eerste twee weken dagelijks water totdat zij goed is aangeslagen. Daarna kunt u terugschakelen naar twee keer per week, of vaker bij extreme hitte boven 30 °C.

De plant verdraagt korte droogteperiodes zodra zij eenmaal is gevestigd, maar langdurige droogte leidt tot bladval en verminderde groei. Water geven bij de wortelzone is te verkiezen boven beregening van bovenaf, omdat natte bladeren de kans op schimmelziekten vergroot. Vroeg in de ochtend water geven is het meest doelmatig, zodat eventueel vochtig gebladerte voor het middaguur kan opdrogen.

In potten dient u frequenter te water geven dan in de volle grond, want potten drogen sneller uit. Controleer de vochtigheid van de potgrond door uw vinger 2 à 3 cm in de grond te steken: voelt de grond droog aan, dan is het tijd om te water geven. Vermijd staand water in de onderschotel, want dat leidt tot wortelrot.

In de winterperiode, wanneer de plant in een kas of koele ruimte staat, kunt u de watergift sterk terugschroeven tot eens per twee weken of zelfs minder. De plant heeft in haar rustperiode veel minder water nodig dan in de actieve groeiperiode.

Snoeien

Neonotonia wightii heeft weinig snoeiwerk nodig, maar regelmatig bijsnoeien stimuleert een vertakter groeipatroon en een voller uiterlijk. Knip in het voorjaar, als de groei weer op gang komt, de langschieten terug tot het gewenste formaat. Verwijder alle beschadigde, dode of zieke stengels direct aan de basis.

In de zomer kunt u de langere scheuten terugsnoeien wanneer de plant te ruim uitloopt of haar steunconstructie overstijgt. Gebruik schone, scherpe snoeischaar om beschadiging van de stengels te voorkomen. Na het snoeien vormt de plant snel nieuwe zijscheuten, zodat het geheel compact en netjes blijft.

Als groenbemester of bodembedekker is regelmatig snoeien minder noodzakelijk. Laat de plant dan vrijuit groeien totdat u haar wilt inwerken of verwijderen. Bij gebruik als veevoedergewas snijdt u de plant elke 6 tot 8 weken terug op een hoogte van 10 tot 15 cm boven de grond, zodat zij sterk terug uitloopt.

Onderhoudskalender

Maart en april: Zaaien op warme windowsill of in de verwarmde kas bij minimaal 20 °C bodemtemperatuur. Zaden 24 uur voorweken in lauw water bevordert de kieming. Begin april kunt u in de kas de eerste jonge plantjes oppotten.

Mei: Na de laatste nachtvorst kunt u de planten buiten plaatsen op een beschutte, zonnige plek. Harden de planten twee weken af voordat u ze definitief buitenplaatst.

Juni tot augustus: Actieve groeiperiode. Water geven twee tot drie keer per week bij droogte. Controleer wekelijks op bladluizen en spintmijten. Bijbemesten met een stikstofarm maar kalium- en fosforrijk meststof elke vier weken is gunstig voor de bloei.

September: Groei neemt af naarmate de nachten koeler worden. Verminder de watergift geleidelijk. Verzamel eventueel rijpe peulen voor zaadwinning.

Oktober en november: Haal potplanten binnen voor de eerste vorst. In de kas of voor een zonnig venster bij minimaal 8 à 10 °C overwinteren. Snoei de plant terug tot 20 à 30 cm boven de grond.

December tot februari: Minimale watergift, geen bemesting. De plant rust.

Winterhardheid

Neonotonia wightii is niet winterhard in West-Europa. De plant verdraagt geen vorst en sterft bij temperaturen onder 0 °C. In USDA-hardheidszone 10 tot 12 kan zij als vaste plant in de volle grond blijven staan. In Nederland en België, die hoofdzakelijk in USDA-zone 8 (en deels zone 9) vallen, moet de plant jaarlijks worden beschermd of als eenjarige worden behandeld.

Wil je de plant overwinteren, dan is een vorstvrije kas, serre of een warme kamer het meest aangewezen. Streef naar een minimumtemperatuur van 8 tot 10 °C. Zorg voor voldoende licht: een zonnig venster op het zuiden of groeilampen als aanvulling. Bij te donkere bewaring verliest de plant haar bladeren en verzwakt zij aanzienlijk.

In koude gebieden is het ook mogelijk om jaarlijks nieuw uitgangsmateriaal te kweken vanuit zaad, dat u bij de kwekerij of via Intratuin kunt aanschaffen. Zaden kiemen snel bij bodemtemperaturen boven 20 °C en geven al na enkele weken stevige jonge planten die in de volle zomer uitgroeien tot fraaie rankende exemplaren.

Begeleidende planten

Neonotonia wightii combineert goed met andere warmteminnende planten die vergelijkbare standplaatsvereisten hebben. In tropische tuinen groeit zij goed samen met Cajanus cajan (duivenerwt), Mucuna pruriens (fluweleboon) en andere vlinderbloemigen. In siertuinen in gematigde klimaten combineert zij fraai met:

  • Ipomoea batatas (zoete aardappel als bodembedekker): beide houden van warmte en volop zon, en vullen elkaar aan in kleur en bladvorm.
  • Cucurbita pepo (pompoen of courgette): de stikstofaanrijking door Neonotonia komt de pompoen ten goede.
  • Tropaeolum majus (oost-indische kers): vrolijk oranje en geel naast het groen van de soja.
  • Helianthus annuus (zonnebloem): hoge planten achter de sluipende soja, samen in een warm beddenperceel.
  • Phaseolus vulgaris (tuinboon of pronkboon): uitstekende combinatie voor hoge haagconstructies.

In de moestuin werkt Neonotonia wightii bijzonder goed als ondergroei of randplant bij mais (Zea mays) of sorghum, waarbij het drie-gewassensysteem de bodemkwaliteit maximaliseert.

Afsluiting

Neonotonia wightii is een fascinerende tropische plant met een indrukwekkend scala aan toepassingen: van groenbemester tot siertuinrank, van veevoeder tot bodembeschermende bedekker. In Nederlandse en Belgische tuinen vraagt zij aandacht en bescherming, maar beloont zij de tuinier met snelle, weelderige groei en een positieve bijdrage aan de bodemvruchtbaarheid.

Wilt u een tuinontwerp maken waarbij warmteminnende klimplanten als Neonotonia een rol spelen? Bezoek dan [gardenworld.app](https://gardenworld.app) voor professionele hulp bij uw tuinontwerp. Meer informatie over bijzondere tuinplanten en inspirerende combinaties vindt u ook op [gardenworld.app](https://gardenworld.app/nl/planten).

Gratis ontwerp

Wil je Neonotonia wightii: complete gids in jouw tuin zien? Maak nu een gratis ontwerp.

Upload een foto, kies je stijl en ontvang binnen 1 minuut een fotorealistisch ontwerp inclusief plantenlijst.

Start gratis

Geen creditcard nodig