Campanula baumgartenii: complete gids
Campanula baumgartenii
Wil je Campanula baumgartenii: complete gids in jouw tuin zien?
1 minuut, geen creditcard
Overzicht
Campanula baumgartenii, ook wel de lanzenblättrige glockenblume genoemd, is een zeldzaam en gefascineerd alpiene vaste plant die van nature voorkomt in de Pyreneeën en de Alpen, met name in Frankrijk, Oostenrijk, Duitsland en voormalig Joegoslavie. Deze plant behoort tot de familie Campanulaceae, bekend om hun kenmerkende klokvormige bloemen in verschillende tinten. Campanula baumgartenii onderscheidt zich door zijn delicate blauwe bloemen en zijn vorming als compacte rozet.
Deze herfstbloeier wordt steeds populairder onder tuiniers die op zoek zijn naar minder gangbare bergplanten met aantrekkelijke bloeipatronen. De plant groeit op hoogteverschillen van rond 1500 tot 2500 meter, wat aangeeft dat het een betrekkelijk koude-resistent soort is. In Nederlandse tuinen kan het prima groeien in hooggelegen of schaduwrijke locaties met goed doorlatende grond.
Uiterlijk en bloei
Campanula baumgartenii vormt compacte rozetachtige groeivormen met lancetvormige bladeren die aan de naam referen. De plant bereikt een hoogte van ongeveer 10 tot 20 centimeter en kan zich langzaam uitbreiden tot een breedte van ongeveer 15 centimeter. De lancetvormige, donkergroene bladeren vormen een decoratieve basis waarop zich in de late zomer en herfst (augustus tot oktober) delicate blauwe klokvormige bloemen openen.
Elke bloem heeft ongeveer 15 tot 20 millimeter diameter met vijf punten die elegant naar buiten krullen. De bloeiperiode duurt ongeveer zes tot acht weken, wat de plant een bijzondere herfstkwaliteit geeft. Na bloei vormen zich kleine capsules met zaad die zich gestaag verspreiden indien de zaden te gronde vallen. De hele plant heeft een fraaie, compacte vorm die het het hele seizoen door interessant blijft.
Ideale locatie
Campanula baumgartenii gedijt het best op locaties met veel licht, maar waar de plant tegen de felste middagzon beschermd wordt. In de Alpen groeit de plant op rotsachtige hellingen met matige schaduw van groter wordende boswallen. Dit vertaalt zich naar een plek met minstens vier tot zes uur directe zonlicht per dag, bij voorkeur in de ochtend. Volledige schaduw wordt niet goed verdragen en leidt tot matig groei en zeer geringe bloei.
De plant is betrekkelijk windbestendig en kan goed gedijen op verhoogde locaties in je tuin. Vermijd lage plekken waar regenwater stagneert, aangezien dit tot wortelproblemen leidt. De planteerbak moet redelijk uit de wind liggen, vooral omdat jonge plantjes relatief fragiel zijn. In Zuid-Nederland kan de plant in halfschaduw gedijen, terwijl ze in Noord-Nederland volzon nodig heeft.
Grondsoort
Een goed doorlatende, licht zure tot neutrale grondsoort is essentieel. De plant groeit van nature op rotsachtige berghellingen met humusrijke, minerale bodem met pH tussen 5,5 en 6,5. Zware kleibodems moeten verbeterd worden met een mengsel van tuinturf, perliet en grofzand in verhouding 1:1:1. Dit zorgt voor uitstekende drainage zonder dat vochtbuffer verloren gaat.
Gevuld met zandige tuinturf en klein grind ontstaat een ideaal groeimedium dat overeenkomt met de berghabitat. Minerale bodems met veel grind verbeteren de drainage aanzienlijk. Voor potbouw is een mengsel van steenturf, perliet en zand in gelijke delen ideaal. Toevoeging van langzaam werkende minerale meststof verbetert de bodemvruchtbaarheid zonder verbranding te veroorzaken.
Watergeven
De plant houdt van gelijkmatig vochtige grond, zonder wateroverschot. Gedurende het groeiende seizoen (april tot oktober) moet regelmatig water gegeven worden, vooral bij droog weer. Een duim diep in de grond controleren helpt bij bepalen wanneer weer water nodig is. Veel water tijdens bloei bevordert het aantal bloemen.
In de winter kunnen watergeving sterk beperkt worden, aangezien de plant in rust gaat. Vermijd opstuwing van water rond de wortelkraag, wat tot rotting van het wortelstelsel leidt. Bij potbouw kan water van onderaf gegeven worden door de pot in een schotel met water te zetten. Regenwater is te verkiezen boven leidingwater vanwege lagere mineralengehalte.
Snoeien
Snoeien is niet strikt nodig, maar het verwijderen van verbloemde bloeistelen stimuleert vaak verdere bloei. Dit kan met fijne snoeischaar gedaan worden. Aan het einde van het seizoen kan dood blad en stengels voorzichtig verwijderd worden. De plant hoeft niet flink ingekort te worden, aangezien dit de vorm zou aantasten.
Beschadigde of zieke bladeren kunnen het hele jaar door verwijderd worden. Voor potbouw kan voorzichtig uitstoelen na de bloei de compactheid verbeteren. Vermijd sterk snoeien aan het einde van het groeiseizoen, want dit kan vorstschade veroorzaken.
Onderhoudscalender
Lente (maart-mei): Begin met controleren op vorstschade en verwijderen van beschadigde bladeren. Start met regelmatig watergeven als de temperatuur stijgt. Eind mei kan een lichte toedieningsmeststof gegeven worden. Zomer (juni-augustus): Blijf regelmatig water geven en snoei verbloemde bloemen af. Monitor op plaaginsecten. Herfst (september-oktober): Veel water gegeven tijdens de bloeiperiode. Begin oktober watergeven geleidelijk afbouwen. Winter (november-februari): Minimaal water gegeven, alleen als grond volledig uitgedroogd is. Vorstschade controleren en beschadigde delen verwijderen.
Winterhardheid
Campanula baumgartenii is zeer winterhard en kan temperaturen tot -25 graden Celsius verdragen. De plant groeit van nature op hoogteverschillen waar strenge winters normaal zijn. In Nederland kan zij buiten overwinteren zonder bescherming, zolang de drainage in orde is. Wateroverschot is meer van bedreiging dan vorst.
In potbouw kan bescherming nuttig zijn: plaats potten tegen een zuidmuur of onder overhangend dak. Een laag afgevallen bladeren rondom de plant biedt extra isolatie. In zeer schaduwrijke tuingedeelten kan op zeer koude plekken extra winterbedekking zinvol zijn.
Begeleiding
Campanula baumgartenii combineert goed met andere alpiene bloeiende vaste planten zoals Acaena, Armeria en Sempervivum. De blauwe bloemen contrasteren mooi met geel bloeiende bergplanten als Alchemilla alpina. In grotere groepen plant je drie tot vijf plantjes op ongeveer 20 centimeter afstand.
Insteentuinen en alpiene bakken vormt deze campanula een sierlijk element. Ook in spleten tussen stenen groeit zij goed. Bij garteniers die rotstuin aanleggen, verdient de plant zeker een plaats. De compacte vorm maakt haar geschikt voor kleine tuinhoeken.
Slotwoord
Campanula baumgartenii is een prachtige aanwinst voor tuiniers die op zoek zijn naar bijzondere bergplanten met aantrekkelijke bloemen. Met juiste grondsoort, drainage en lichte beschermde locatie gedijt zij prima in Nederlandse tuinen. De delicate blauwe bloemen in de herfst maken haar een waardevol element in de herfstuin. Te koop bij verschillende gespecialiseerde bergplantenkwekerijen. Check Intratuin en Gamma voor beschikbaarheid.
Verzorging is eenvoudig eenmaal de plant goed aangeslagen, en de plant levert jarenlange bloemplezier op met minimale inspanning. Beschouw haar als een onderscheidend keuze voor tuiniers die verder kijken dan populaire standaardsoorten.
Wil je Campanula baumgartenii: complete gids in jouw tuin zien? Maak nu een gratis ontwerp.
Upload een foto, kies je stijl en ontvang binnen 1 minuut een fotorealistisch ontwerp inclusief plantenlijst.
Al 10.000+ tuinen ontworpen
Geen creditcard nodig


Vergelijkbare planten
Downingia bicornuta: complete gids
Downingia bicornuta
Alles over Downingia bicornuta - de tweehoorncalicoflower: zaaien, standplaats, bloei en onderhoud van dit zeldzaam eenjarig plantje.
Charmeils rapunzel: complete gids
Phyteuma charmelii
Charmeils rapunzel (Phyteuma charmelii) is een zeldzame alpiene klokjesfamilie-plant met blauwe bloemen. Ontdek teelt, standplaats en verzorging.
Dwerg schaapskruid (Jasione crispa): complete gids
Jasione crispa
Alles over Jasione crispa: standplaats op droge, zure grond, bloei in zomer, verzorging en combinaties in rotstuin of heidetuin.