Alocasia macrorrhizos: complete gids
Alocasia macrorrhizos
Wil je Alocasia macrorrhizos: complete gids in jouw tuin zien?
1 minuut, geen creditcard
Overzicht
Alocasia macrorrhizos, veel beter bekend als de reuzenblad alokasie of 'ape', is een indrukwekkende tropische plant uit de Araceae-familie. Deze plant komt van nature voor in de vochtigen bossen van Zuidoost-Azien, van Maleisie tot Australie. De plant staat bekend om zijn enorme, pijlvormige bladeren die tot 90 centimeter lang kunnen worden. In Europa wordt deze plant meestal in serre- of kasomstandigheden gekweekt, ofwel als indrukwekkende kamerplant.
De plant groeit snel in vochtige, warme omstandigheden en kan binnen enkele jaren aanzienlijke hoogte bereiken. Hoewel het in Nederland en Belgie niet mogelijk is om de plant buiten te laten groeien vanwege het koude klimaat, kan je er jarenlang plezier van hebben als je hem in een verwarmde ruimte plaatst.
Verschijning en bloei
De alokasie staat primair bekend om zijn bladeren: massief, glanzend groen met diepe nerven die het blad extra textuur geven. Deze bladeren groeien aan lange, stevige bladstelen die uit de grondwortel voortkomen. De plant wordt geleidelijk steeds groter en imposanter naarmate hij ouder wordt.
In zijn natuurlijke habitat bloeit de plant met gele, onopvallende spatkels (inflorescentia), maar binnen een huiskamerclimaat zal dit zelden voorkomen. De bloemen zijn echter veel minder interessant dan het spectaculaire bladerwerk.
De stengel is grijsbruin en wordt dicker naarmate de plant groeit. Veel tuiniers snoeien de plant terug om hem compacter te houden, wat leidt tot het afbijten van de top en aftakking van nieuwe groeipunten.
Ideale plaats
Alocasia macrorrhizos groeit het best op een warme, vochtige plaats met veel indirect licht. Direct zonlicht kan de bladeren verbranden, dus plaats de plant liever een paar meter van een raam verwijderd, zodat het licht gefilterd is. In het noorden van Europa kan je hem beter aan het oostraam plaatsen waar het ochtendlicht heen schijnt.
De plant houdt van warmte; ideaal is een temperatuur tussen 18 en 25 graden Celsius. Bij temperaturen onder de 15 graden groeit de plant praktisch niet meer en kan zelfs achterstukken afvallen.
Hoewel je het kan proberen met kantoorverlichting of speciale groeikamers, groeit de plant veel sterker bij natuurlijk licht. Plaats hem dus niet in een donkere hoek, maar wel op een heldere plek zonder directe zon.
Grond
Deze plant houdt van een zeer doorlatende grond die toch vocht vasthoudt. Een mengsel van turfgrond, kokosvezel en perliet is ideaal. Voeg zand of klein grind toe om de drainage te verbeteren. De plant groeit sneller in rijke, voedselrijke grond, dus meng cactusmengsel niet goed door turfgrond.
Zo'n mengsel zorg voor optimale balans: vocht wordt vastgehouden, maar waterstagnatie (wortelrot) wordt voorkomen. Als je zelf een potgrond mengsel maakt, gebruik je 50% turfgrond (of kokos als je duurzamer wilt), 30% perliet en 20% orchidee-bark.
Alle tuincentra (Intratuin, Gamma) hebben kant-en-klare 'tropische plantengrond' in het assortiment, wat ook heel goed werkt.
Watergeven
Bij het watergeven is het cruciaal een goede balans te vinden tussen voldoende vocht en geen waterlozing. Water de plant als de bovenlaag van de potgrond (ongeveer 2-3 centimeter) droog aanvoelt. Dit gebeurt tijdens het groeisei (lente en zomer) misschien twee tot drie keer per week, afhankelijk van de grootte van je plant en je lokale luchtvochtigheid.
In de winter groeit de plant minder snel, dus watergeven minder frequent: misschien eens per 1.5 tot 2 weken. De plant moet nooit in water staan, dus zorg dat overtollig water goed kan afvloeien.
Gebruik lauwwarm water, bij voorkeur regenwater of afgestaan kraanwater (om chloride af te breken). Veel tuiniers spuiten de bladeren ook regelmatig in met water: dit helpt tegen stuifmeel en verhoogt de luchtvochtigheid, wat de plant erg waardeert.
Snoeien
Snoeien is niet per se nodig, maar veel tuiniers doen het om de plant een netter uiterlijk te geven. Je kan oude bladeren wegsnijden zodra deze geel worden of beschadigd zijn. Snij dicht tegen de stengel aan.
Als de plant te groot wordt, kun je de top afzetten. Dit zorgt ervoor dat de plant gaat uitgroeien met meerdere groeipunten in plaats van one hoofd-stengel. Dit leidt tot een voller, compacter groeipatroon. De afgesneden top kan je in water zetten tot wortels verschijnen, waarna je het in grond plant als een nieuwe plant.
Verwijder verwelkte of zieke bladeren regelmatig om energie-verspilling te voorkomen en om schimmelaantastingen vroegtijdig op te sporen.
Onderhoudskalender
Janauari tot maart: Minimale verzorging. Voeding eens per maand. Water spaarza am geven (eenmaal per twee weken). Omstandigheden zijn koud, dus groei stagnantie is normaal.
April tot mei: Begin van groeisei. Water vaker geven (2-3 keer per week). Begin wekelijks voeding te geven. Controleer op nieuwe bladaansluitingen.
Juni tot augustus: Piekgroei. Water abundant (dag in, dag uit controleren). Geef wekelijks voeding. Spuit bladeren regelmatig in. Zorg voor luchtroming door ventilatie.
September tot oktober: Langzaam afbouwen van voeding. Water geven minder frequent (terug tot 2-3 per week). Temperatuur mag wat zakken.
November tot december: Minimale voeding. Water schaars geven. Zet plant op koelere plaats (15-18 graden Celsius) voor rustperiode.
Winterhardheid
Deze plant is absoluut niet winterhard en kan geen temperaturen onder 10 graden Celsius verdragen. In het buitenland (tropisch Amerika) groeit de plant permanent buiten, maar in Nederland, Belgie en Duitsland moet je hem absoluut binnenshuis houden.
Zelf in warme zomers in Duitsland (OBI, Hornbach: vooral in zuid-Duitse tuincentra beschikbaar) kan je hem van mei tot september soms buiten zetten op een beschermde plek, maar je moet hem per se weer naar binnen halen zodra de nachttemperatuur onder de 15 graden daalt.
Als je plant eerst buiten in de tuin groeit en je wil hem naar binnen halen, doe dit geleidelijk zodat hij aan de lagere luchtvochtigheid binnenshuis kan wennen. Plaats hem eerst op een schaduwrijke plek voor twee weken voordat je hem naar zijn permanente binnenplaats verplaatst.
Begeleiders in de tuin
Innerhalb (vooral als je hem in de zomer buiten zet) groeit de alokasie goed samen met andere tropische planten die ook warmte en vochtminnend zijn: bijvoorbeeld Philodendron, Anthurium (in warmere regio's ook buiten), en kleinere Araceae-soorten.
Als je hem permanent binnenshuis houdt (wat waarschijnlijker is), plaats je hem best niet naast klimaatgeregelde tussenplekers zoals airconditioning-units. Plaats hem ook niet rechtstreeks naast radiators in de winter, aangezien deze de plant uit drogen.
In grote warmtekasten of serre-opstellingen groeit hij fraai samen met Alocasia amazonica (kleinere broertje), Caladium-varianten en tropische varens die dezelfde vochtige, warme omstandigheden houden.
Afsluitend
De reuzen-alokasie is een spectaculaire plant voor wie geduld en aandacht heeft. Hij zal niet door iedereen gekweekt kunnen worden - veel mensen geven het op wanneer de plant bladeren verliest in de droge wintermaanden. Maar met de juiste aanpassing aan je leefomgeving, regelmatige versorging en wat geduld, kan je jarenlang genieten van deze indrukwekkende plant met zijn monumentale bladeren. Intratuin en Gamma hebben regelmatig kleine exemplaren in stock, of je bestelt ze online bij Nederlandse/Belgische kwekerijbedrijven.
Bewaakt vooral regelmatig de bladranden op geel worden (een teken van onder- of overwatermogelijkheden) en check de bladonderkanten op parasietschade. Met aandacht en liefde zal je alokasie je rijkelijk belonen met luxe groen bladerwerk dat elke woonkamer of kantoorkamer adelt.
Wil je Alocasia macrorrhizos: complete gids in jouw tuin zien? Maak nu een gratis ontwerp.
Upload een foto, kies je stijl en ontvang binnen 1 minuut een fotorealistisch ontwerp inclusief plantenlijst.
Geen creditcard nodig
